De liefde van God

Alles wat wij zeggen over God moet getoetst worden aan Gods openbaring van Zichzelf in Christus. Immers, ‘Jezus is Heer’, wat betekent dat Hij God is en daarmee de door God aangewezen meetlat van de waarheid over God. In Jezus zien wij wat God doet en daarom ook wie Hij is. Zo ontdekken wij dat God drie-een is en dus ten diepste relationele liefde. Dit is het startpunt voor alles wat wij zeggen over God. [1]

Maar om te snappen hoe die liefde van God nou precies werkt, kan het goed zijn om die nader te definiëren. [2]

Gods liefde is niet slechts één van Zijn vele attributen, maar de bepalende karaktereigenschap van God. God is ten diepste eeuwige, vreugdevolle, relationele liefde tussen Vader, Zoon en Geest. Alle andere karaktereigenschappen, zoals heiligheid en rechtvaardigheid, moeten gedefinieerd worden in het licht van Zijn liefde en kunnen daar dus ook niet mee in strijd zijn.

God heeft alle mensen geschapen, en schenkt hun leven en bestaan, zodat zij mogen delen in de liefdevolle gemeenschap van Vader, Zoon en Geest. Dat is de bestemming waarvoor God alle mensen heeft uitgekozen in de Zoon, Christus (Efe 1:4–5). God is dus fundamenteel welwillend richting alle mensen; niemand wordt uitgesloten. Zo zijn alle dingen ‘van Hem en door Hem en tot Hem’ (Rom 11:36; vgl. Kol 1:16).

In Christus zien we dat de relatie tussen God en de mens ten diepste een onvoorwaardelijke liefdesrelatie tussen vader en kind is. De Vader heeft ons gemaakt om als kinderen te delen in Zijn liefde voor de Zoon door de Geest. Zijn liefde voor Zijn kinderen kan niet tenietgedaan worden door wat voor acties van de menselijke kant dan ook; geen hoeveelheid zonden kan mensen scheiden van Zijn liefde. De verbondsrelatie is onbreekbaar. God laat nooit los, net zoals een vader nooit zijn kinderen zou loslaten (vgl. Ps 138:8; Fil 1:6).

Omdat Gods kracht overweldigend groot is in relatie tot de schepping, is het 100% zeker dat Zijn liefdevolle scheppingsplannen ook daadwerkelijk volbracht zullen worden (vgl. Rom 8:28–30). Mensen hebben niet de macht om zijn plannen in de war schoppen. Daarnaast zijn de kwade machten die lijken te regeren over de wereld geen competitie voor God: met Zijn scheppingsmacht bevrijdt Hij mensen van Zonde en Dood en doet hen opstaan in een nieuw leven voor Hem (vgl. Rom 6:1–11).

Maar Gods kracht werkt niet zoals die van de wereld — gewelddadig, dominerend, machtsbelust, beschadigend, dwingend. Gods kracht is juist leven-gevend door, paradoxaal genoeg, Zijn eigen leven te geven, namelijk in de menswording en aan het kruis (zie Fil 2:5–11). De manier waarop God de wereld veranderd heeft en aan het veranderen is, is op de revolutionaire manier van het kruis — liefdevolle zelfopoffering. Zo laat Zijn werkwijze zien hoe erg God mensen persoonlijk waardeert en respecteert.

Gods liefde stroomt over vanuit Zijn algenoegzame eeuwige vreugde om Zijn kinderen te overladen met goede geschenken — vreugde en vrede en vrijheid en liefde en hoop in de goddelijke gemeenschap van de kerk. Wat voor schade de kwade machten ook aanrichten op deze wereld, Gods genadige herstel overstijgt dat overvloedig (Rom 5:20). Het christelijke leven is dus echt een leven van overvloed (vgl. Ps 23:1).

Gods liefde is niet te rijmen met de menselijke standaarden en structuren van deze wereld: man-vrouw, rijk-arm, Nederlander-buitenlander, wit-gekleurd, hetero-LHBTQI+, theoretisch-praktisch opgeleid, etc. Al deze tegenstellingen vervallen en worden actief bestreden in de Christus-gemeenschap, die ten diepste gekenmerkt wordt door gelijkheid en emancipatie. Ieder mens is evenveel geliefd en net zo goed uitgekozen door God in Christus, onafhankelijk van hoe de wereld hen wegzet.

God wil het allerliefst dat Zijn liefde beantwoord wordt door Zijn kinderen, die de vervulling van hun diepste verlangens vinden in Hem. Dit is geen voorwaarde voor Zijn liefde, maar een liefdevolle verwachting van Zijn liefde. Geworteld in Zijn onvoorwaardelijke liefde kunnen mensen zich gaan inzetten voor Hem in gehoorzaamheid en trouw — niet zodat ze geliefd zullen worden, maar omdat ze ontdekt hebben — en aan het ontdekken zijn — hoe geliefd ze al zijn. Identiteit wordt zo losgekoppeld van carrière, genot, controle, bevestiging, vergelijking, en andere middelen waardoor mensen zo hevig op zoek kunnen zijn naar veiligheid en acceptatie in het leven. Eenmaal bij God thuisgekomen kunnen mensen gaan leren wat het betekent om te leven als de geliefde.

[1] Zie Douglas A. Campbell, Pauline Dogmatics: The Triumph of God’s Love (Eerdmans 2020).

[2] Vgl. John M.G. Barclay, Paul and the Gift (Eerdmans 2015), die zes termen gebruikt om definities van genade in kaart te brengen: 1. ‘superabundance’ (overvloedig) 2. ‘singularity’ (bepalend) 3. ‘priority’ (vgl. inclusief) 4. ‘incongruity’ (ongerijmd) 5. ‘efficacy’ (daadkrachtig) 6. ‘non-circularity’ (vgl. wederkerig). Daarnaast heb ik nog ‘zelfopofferend’ toegevoegd, naar Michael Gorman (vgl. zijn Cruciformity), en natuurlijk ‘onvoorwaardelijk’, naar Campbell’s definitie van verbond in Pauline Dogmatics.

--

--

Thoughts on Pauline theology and the Christian life

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store