De liefde van God

Abjan van Meerten
5 min readJan 20, 2023

Alles wat wij zeggen over God moet getoetst worden aan Gods openbaring van Zichzelf in Christus. ‘Jezus is Heer’ betekent dat Hij God is en daarmee de door God aangewezen meetlat van de waarheid over God. Jezus heeft het laatste woord over Wie God is en wat Hij doet.

In Jezus zien wij wie God ten diepste is en wat Hij het meest belangrijk vindt. Zo ontdekken wij dat God drie-een is en dus ten diepste relationele liefde. Daarnaast zien wij dat deze drie-ene God Zich overgeeft om met ons te zijn, omdat Hij van eeuwigheid ervoor gekozen heeft om voor ons te zijn.

Daarom is dit het startpunt van alles wat wij zeggen over God: God is liefde (ja, echt; zie 1 Joh 4:8, 16). [1] Maar om te snappen hoe die liefde van God nou precies werkt, kan het goed zijn om die wat specifieker te maken. [2]

1. Bepalend

Gods liefde is niet slechts één van Zijn vele eigenschappen, maar de bepalende eigenschap van God. God is ten diepste eeuwige, vreugdevolle, relationele liefde tussen Vader, Zoon en Geest. Alle andere karaktereigenschappen, zoals heiligheid en rechtvaardigheid, stromen hieruit voort en kunnen daar dus ook niet mee in strijd zijn.

2. Inclusief

God heeft alle mensen geschapen en schenkt hun leven en bestaan zodat zij mogen delen in de liefdevolle gemeenschap van Vader, Zoon en Geest. Dat is de eindbestemming waarvoor God alle mensen heeft uitgekozen in de Zoon, Christus (Efe 1:4–5). God heeft dus het echt het beste voor met alle mensen, niemand uitgesloten. Zo zijn alle dingen ‘van Hem en door Hem en tot Hem’ (Rom 11:36; vgl. Kol 1:16). Gods liefde staat aan het begin en het eind van het verhaal van ieder mens.

3. Onvoorwaardelijk

In Christus zien we dat de relatie tussen God en de mens ten diepste een onvoorwaardelijke liefdesrelatie tussen ouder en kind is. Mensen worden geboren in deze relatie; ze hoeven er niks voor te doen om geliefd door God te zijn. Ook kunnen ze niks doen wat Gods liefde teniet zou doen; geen hoeveelheid zonden kan mensen scheiden van Zijn liefde. De verbondsrelatie is onbreekbaar. God laat nooit los, net zoals een vader nooit zijn kinderen loslaat (vgl. Ps 138:8; Fil 1:6). God is de herder die de kudde verlaat voor dat ene schaap, en niemand kan zover afdwalen dat God hen niet terugvindt.

4. Daadkrachtig

Omdat God de Schepper is, regeert Hij uiteindelijk over alles wat er gebeurt in de schepping. Daarom is het 100% zeker dat Zijn goede plannen volbracht zullen worden (vgl. Rom 8:28–30). Mensen hebben niet de macht om Zijn plannen in de war te schoppen. Ook de kwade machten die lijken te heersen over de wereld zijn geen competitie voor Hem: Hij is de God Die de doden levend maakt en in het leven roept wat niet bestaat (Rom 4:17). Zo bevrijdt Hij mensen van Zonde en Dood en doet hen opstaan in een nieuw leven voor Hem (vgl. Rom 6:1–11). Gods liefde overwint alles.

5. Zelfopofferend

Maar Gods kracht is niet zoals die van de wereld — gewelddadig, dominerend, machtsbelust, beschadigend, dwingend. Gods kracht is juist zelfopofferend, [3] wat mensen zouden zien als zwakte (vgl. 1 Kor 1:23–27). De manier waarop God mensen redt en naar Zich toe trekt, laat dus zien hoe erg God mensen persoonlijk waardeert en respecteert; ofwel, het middel komt overeen met het doel.

6. Overvloedig

Gods liefde stroomt over vanuit Zijn oneindige eeuwige vreugde om Zijn kinderen te overladen met goede geschenken, bovenal Zichzelf. En “[z]al Hij, die zijn eigen Zoon niet heeft gespaard, maar Hem omwille van ons allen heeft prijsgegeven, ons dan met Hem ook niet alles schenken?” (Rom 8:32). Hij geeft vreugde en vrede en vrijheid en liefde en hoop in de goddelijke gemeenschap van de kerk. Wat voor schade de kwade machten ook aanrichten op deze wereld, Gods genadige herstel overstijgt dat overvloedig (Rom 5:20), beginnend in dit leven. Het christelijke leven is dus uiteindelijk echt een leven zonder gebrek (vgl. Ps 23:1).

7. Ongerijmd

Gods liefde is niet te rijmen met de menselijke standaarden en structuren van deze wereld: man-vrouw, rijk-arm, Nederlander-buitenlander, wit-gekleurd, hetero-LHBTQI+, theoretisch-praktisch opgeleid, etc. Voor zover deze tegenstellingen verdeling zaaien, worden ze actief bestreden in de Christus-gemeenschap, die ten diepste gekenmerkt wordt door gelijkheid en emancipatie. Ieder mens is evenveel geliefd en net zo goed verkozen door God in Christus, onafhankelijk van hoe de wereld hen wegzet. Alleen deze fundamentele, inclusieve gelijkheid maakt gezonde diversiteit mogelijk.

8. Wederkerig

God wil het allerliefst dat Zijn liefde beantwoord wordt door Zijn kinderen, die de vervulling van hun diepste verlangens vinden in Hem. Dit is geen voorwaarde voor Zijn liefde, maar een liefdevolle verwachting van Zijn liefde. En, omdat Gods liefde zelfopofferend is (punt 5), maar uiteindelijk ook daadkrachtig (punt 4), zal Hij uiteindelijk iedereen naar Zich toe weten te trekken (vgl. Joh 12:32).

Geworteld in Zijn onvoorwaardelijke liefde kunnen mensen zich gaan inzetten voor Hem in gehoorzaamheid en trouw — niet zodat ze geliefd zullen worden, maar omdat ze geliefd zijn. Identiteit wordt zo losgekoppeld van carrière, genot, controle, bevestiging, vergelijking, en andere middelen waardoor mensen zo hevig op zoek kunnen zijn naar veiligheid en acceptatie in het leven. Met de woorden van Henri Nouwen: eenmaal thuisgekomen bij God kunnen mensen gaan leren wat het betekent om de geliefde te zijn. [4]

Eindnoten

[1] Zie Douglas A. Campbell, Pauline Dogmatics: The Triumph of God’s Love (Eerdmans 2020).

[2] Vgl. John M.G. Barclay, Paul and the Gift (Eerdmans 2015), die zes termen gebruikt om verschillende definities van genade in kaart te brengen (tussen haakjes mijn eigen termen):

1. ‘singularity’ (bepalend)

2. ‘priority’ (vgl. inclusief)

3. ‘efficacy’ (daadkrachtig)

4. ‘superabundance’ (overvloedig)

5. ‘incongruity’ (ongerijmd)

6. ‘non-circularity’ (niet-wederkerig)

Daarnaast heb ik ‘onvoorwaardelijk’ toegevoegd, naar Campbells uitleg van verbond in Pauline Dogmatics (zie eindnoot 1). Ten slotte heb ik nog ‘zelfopofferend’ toegevoegd, naar Michael Gorman's werk; zie met name Cruciformity: Paul’s Narrative Spirituality of the Cross (Eerdmans 2021 [2001]), en Inhabiting the Cruciform God: Kenosis, Justification, and Theosis in Paul’s Narrative Soteriology (Eerdmans 2009).

[3] Het is belangrijk om zelfopoffering niet in een ultieme zin op te vatten; het is geen doel op zich. Jezus verdraagde het lijden omdat Hij wist dat Hij opgewekt zou worden (bv. Heb 12:2). Ook had Zijn lijden een specifiek doel, namelijk redding brengen. Lijden in zichzelf is dus niet iets goeds; het draait uiteindelijk om herstel en nieuw leven. Jezus’ voorbeeld betekent dus niet dat slachtoffers van onrechtvaardigheid passief moeten zijn of zichzelf moeten wegcijferen, omdat het allemaal toch wel goed komt. Het betekent wel dat, als we toegewijd zijn aan het liefhebben van de mensen om ons heen, we geen kwaad met kwaad vergelden, maar een niet-gewelddadige manier zoeken om onszelf te beschermen tegen beschadiging en, indien mogelijk, de relatie met de ander te herstellen.

[4] Zie in het bijzonder zijn boek over de gelijkenis van de verloren zoon: Henri Nouwen, Eindelijk thuis. Gedachten bij Rembrandts ‘De terugkeer van de verloren zoon’ (Lannoo 2021).

--

--

Abjan van Meerten

Thoughts on the liberating theology of Paul and the universal love of God